ALS IK NIET…

1o

Als ik niet op dinsdagochtend mijn bed uit gekropen was, onder de net te warme dekens, als ik niet op die stoep had gestaan en al die blikken had gezien, als ik niet dat lege gevoel in mijn buik had gevoeld, het gevoel alsof er een hapje was genomen uit mijn vlees, als ik niet naar hem had gekeken terwijl hij naar de rondzwemmende vissen aan het kijken was, als ik niet precies op dat ene moment op de dag naar mijn kleine minuscule wijzertje op mijn horloge had gekeken, als ik niet mijn koffie op de grond had laten vallen, waardoor de onderkanten van mijn blauwe broekspijpen bruin kleurden, als ik niet het verlangen zo stevig had gevoeld om terug te kruipen onder mijn dekens, als jij niet aan de overkant had gestaan en mij had aangekeken, dan was je niet meer dan een schim geweest in de chaos aan onbekende ogen, dan had ik je nooit kunnen missen.

Want wat is de ander nog, als die er niet meer is, of nooit is geweest. Wat zijn deze woorden nog, nadat de stilte zo meteen valt? Luister je dan nog?

 

 

 

 

 

 

 

Schilderij: J. McNeill Whistler